Direct een advocaat nodig? Bel ons: 010-2204400
Stel uw vraag direct en krijg binnen 24 uur antwoord

Transitievergoeding kan ook bij opvolgend werkgeverschap

3

Nov

2016

Inmiddels maken we al weer meer dan een jaar gebruik van de transitievergoeding bij het beëindigen van de arbeidsovereenkomst. Inmiddels blijkt ook dat de wetgever toch niet aan alle omstandigheden heeft gedacht bij het opstellen van de WWZ. Zo heeft het gerechtshof Den Bosch zich nog recentelijk moeten buigen over de vraag:

Hoe om te gaan met opvolgend werkgeverschap en de transitievergoeding?

De feiten:

-      werkneemster is op 6 oktober 2013 bij Allroad in dienst getreden op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd.

-      Allroad heeft werkneemster vervolgens uitgeleend aan inlener Hermes in de functie van buschauffeur. Nadat de arbeidsovereenkomst twee maal is verlengd heeft Allroad met een e-mail op 19 november 2015 werkneemster aangezegd dat de arbeidsovereenkomst zal eindigen. Deze is dan ook van rechtswege geëindigd op 13 december 2015.

-      Hermes heeft medio juni 2015 met drie uitzendbureaus afspraken gemaakt over het leveren van uitzendkrachten.

-      Werkneemster is gaan solliciteren bij Consolid. Zij is daar per 14 december 2015 in dienst getreden. Zij is al die tijd werkzaam gebleven bij Hermes in de functie van buschauffeur.

Werkneemster verzoekt bij de kantonrechter van Allroad de transitievergoeding, welk verzoek wordt afgewezen. De kantonrechter stelt zicht op het standpunt dat er sprake is van een opvolgend werkgeverschap van Allroad naar Consolid en dat Allroad om die reden geen transitievergoeding is verschuldigd.

Allroad beroept zich op artikel 7:673 lid 1 BW dat luidt als volgt:

De werkgever is aan de werknemer een transitievergoeding verschuldigd indien de arbeidsovereenkomst ten minste 24 maanden heeft geduurd en de arbeidsovereenkomst na een einde van rechtswege op initiatief van de werkgever niet aansluitend is voortgezet en voor het eindigen van de arbeidsovereenkomst geen opvolgende arbeidsovereenkomst is aangegaan, die tussentijds kan worden opgezegd en ingaat na een tussenpoos van ten hoogste zes maanden

Het gerechtshof deelt het standpunt niet. Volgens het gerechtshof ziet het onderstreepte deel van het wetsartikel op seizoenarbeiders waarvan het seizoen binnen zes maanden weer aanvangt. Het gerechtshof overweegt verder dat:

Uit het voorgaande volgt dat de betreffende zinsnede er niet toe leidt dat werkneemster geen recht heeft op een transitievergoeding. Met de ‘opvolgende arbeidsovereenkomst’ in de hier aan de orde zijnde zinsnede is immers bedoeld een nieuwe arbeidsovereenkomst tussen dezelfde partijen. Daarvan is hier geen sprake. Werkneemster is bij een andere werkgever in dienst getreden.

Het bovenstaande is dus van belang voor uitleners en inleners van arbeidskrachten. Het enkele feit dat een werknemer van uitzendbureau A naar uitzendbureau B gaat, maar wel voor dezelfde inlener blijft werken, betekent dus niet dat uitzendbureau A geen transitievergoeding verschuldigd is als aan de overige voorwaarden ook wordt voldaan.

 Heeft u vragen op het gebied van arbeidsrecht? Neemt u gerust contact op met Hans de Haij of Dennis Oud

Geschreven door:
Dennis Oud
Bekijk profiel
Terug naar Blog Archief