Direct een advocaat nodig? Bel ons: 010-2204400
Stel uw vraag direct en krijg binnen 24 uur antwoord

Digitaal procederen, voorlopig toch maar even niet.

5

Jul

2018

Plannen

Wellicht gaat er nog een belletje rinkelen bij de termen “Digitaal procederen” en “KEI” (Kwaliteit en Innovatie rechtspraak)? Wij hebben u daar eerder over geïnformeerd, deze termen horen bij de grootse plannen van de Raad voor de Rechtspraak om de Nederlandse rechtspraak te digitaliseren. Deze plannen waren al jaren in voorbereiding en in uitvoering. Het uitgangspunt daarbij was dat afgestapt zou worden van de “oude” schriftelijke wijze van procederen en een efficiënte wijze van digitaal procederen geïntroduceerd zou worden. Gezien de verregaande digitalisering van onze maatschappij was het ook niet onlogisch dat (eindelijk) ook de gedateerde wijze van het indienen van stukken en enkele procedurele aspecten aangepast zouden worden aan de technische mogelijkheden.

Te complex en te duur

Wat is er van de plannen en de uitvoering inmiddels terechtgekomen? Bar weinig zo bleek toen enkele maanden terug de teleurstellende balans werd opgemaakt. Het aanvankelijk geraamde kostenplaatje van € 60 miljoen bleek te zijn opgelopen tot € 220 miljoen, zonder dat daarbij een definitief product kon worden opgeleverd. Uit een nader onderzoek naar deze gang van zaken en de oorzaak hiervan kwam – onder meer – naar voren dat de digitalisering van juridische procedures te complex zou zijn, dat het aan leiding en planning ontbrak, dat besluiten te laat werden genomen en er onvoldoende kennis aanwezig was om een en ander te implementeren.

Invoering op dit moment zou slechts kunnen met nog flinke investeringen, hoge beheerskosten en een onwenselijke belasting van rechtbankmedewerkers. Als klap op de vuurpijl blijkt het softwareplatform, waar het gehele systeem op gebouwd is, niet langer doorontwikkeld en ondersteund te worden door de leverancier.

Geen landelijke digitalisering

Inmiddels heeft de Raad voor de Rechtspraak besloten digitaal procederen niet landelijk in te voeren. De Raad concludeert dat digitaal procederen technisch wel tot de mogelijkheden behoort, maar voor landelijke invoering het benodigde brede draagvlak ontbreekt en dat het geen doelmatige investering is.

Bij de rechtbank Gelderland en Midden-Nederland blijft digitaal procederen in handelsvorderingen overigens verplicht, de systemen zijn daar als pilots uitgerold en in werking. Voorlopig blijft het daar dus bij.

Toekomst?

Is er dan geen enkel licht aan de digitale horizon waar te nemen? Voorlopig nog niet, maar de Raad voor de Rechtspraak heeft laten weten dat in het najaar naar verwachting verder gesproken kan gaan worden over de bijgestelde doelen van de digitalisering, de weg daarnaar toe en – als een les uit het voorgaande traject – de kosten die daarmee gemoeid zijn.

Wij houden u op de hoogte.

Geschreven door:
Bas van der Eijk
Bekijk profiel
Terug naar Blog Archief