Direct een advocaat nodig? Bel ons: 010-2204400
Stel uw vraag direct en krijg binnen 24 uur antwoord

Bestuurdersaansprakelijkheid; betalingsonwil of betalingsonmacht?

21

Dec

2017

Bestuurdersaansprakelijkheid; betalingsonwil of betalingsonmacht?

De rechtbank Rotterdam heeft woensdag 15 november 2017 een vonnis gewezen waarbij zij oordeelde dat de indirect bestuurder van een vennootschap aansprakelijk werd geacht voor de schade van een schuldeiser als gevolg van de door de vennootschap onbetaald gelaten facturen. Waar ging het om?

Schuldeiser had een vordering wegens onbetaald gelaten facturen op een vennootschap genaamd ITS. X was via zijn persoonlijke holding bestuurder van ITS. ITS was bij vonnis van de rechtbank Rotterdam veroordeeld tot betaling van de onbetaald gelaten facturen, echter ITS voldeed de vordering, ook na betekening van het vonnis, niet. 

In totaal ging het om een bedrag van circa € 64.000,00.

Schuldeiser besloot daarom om X en zijn persoonlijke holding als (indirect) bestuurder van ITS aansprakelijk te stellen voor de schade. X stelde onder meer dat X een persoonlijk ernstig verwijt kon worden gemaakt doordat er sprake was van betalingsonwil.

X daarentegen verweerde zich met de stelling dat er geen sprake was van betalingsonwil maar van betalingsonmacht. Door het mislukken van een project, het uitblijven van betalingen, geschillen met aandeelhouders en pogingen van schuldeisers om het faillissement van ITS aan te vragen, zouden de inkomsten van ITS volledig hebben doen opdrogen. X laat echter na om deze stelling te onderbouwen.

De rechtbank tikt X daarom op de vingers en oordeelt dat het op de weg van X als enig (indirect) bestuurder en aandeelhouder van ITS was gelegen om aannemelijk te maken dat er daadwerkelijk sprake was van betalingsonmacht. Door onder meer enkel te verwijzen naar een jaarrekening van 2015 en na te laten om stukken uit de boekhouding te overleggen en/of na te laten vragen te beantwoorden omtrent oorzaken van het verlies heeft X, aldus de rechtbank, de stelling van schuldeiser dat er sprake was van betalingsonwil onvoldoende betwist. 

De rechtbank concludeert dan ook dat er sprake is van betalingsonwil hetgeen een onrechtmatige daad oplevert van X als (indirect) bestuurder jegens schuldeiser. X en zijn persoonlijke holding zijn daarom veroordeeld tot betaling van de schade.

Deze uitspraak illustreert dat schuldeisers niet alleen kunnen aankloppen bij hun directe schuldenaar, maar dat er tevens omstandigheden kunnen zijn om de (indirect) bestuurder van de schuldenaar aan te spreken op betaling. Opgemerkt moet wel worden dat een dergelijke aansprakelijkheid niet snel wordt aangenomen. Uitgangspunt is namelijk dat alleen de vennootschap aansprakelijk is. Het is ook maar de vraag of de rechtbank tot hetzelfde oordeel was gekomen, indien X wel al zijn kaarten op tafel had gelegd.

Kan een (indirect) bestuurder echter een persoonlijk ernstig verwijt worden gemaakt, dan kan er van de hoofdregel worden afgeweken. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan een bestuurder die namens de vennootschap verplichtingen aangaat met derden in de wetenschap dat de vennootschap deze verplichtingen niet kan nakomen. Laat u in deze situaties dus adviseren omtrent de mogelijkheden!

Wilt u meer weten of heeft u hierover vragen, neemt u dan gerust contact op met Lennart Hordijk

Geschreven door:
Lennart Hordijk
Bekijk profiel
Terug naar Blog Archief