Direct een advocaat nodig? Bel ons: 010-2204400
Stel uw vraag direct en krijg binnen 24 uur antwoord

BELANGRIJKE AANDACHTSPUNTEN CORONA-CRISIS!

17

Mar

2020

Niemand is het ontgaan en we hebben er allemaal mee te maken: het Corona-virus.

Ook wij hebben onze handelswijze aangepast en werken voor zover het kan thuis, maar uiteraard is ons kantoor gewoon telefonisch bereikbaar. Daarnaast is ook de rechtbank gedeeltelijk gesloten. Mocht dat invloed hebben op een lopende zaak, dan nemen wij daar uiteraard tijdig contact met u over op.

Hieronder hebben wij op een rijtje gezet de meest gestelde vragen die wij de afgelopen tijd hebben gekregen van onze klanten over:

  • Wanneer is er sprake van overmacht?
  • Het aanvragen van werktijdverkorting
  • Hoe werkt de Wet Arbeid en Zorg?
  • Wat de overheid op dit moment doet voor zelfstandig ondernemers?

Mocht u naar aanleiding daarvan toch nog opvolgende vragen hebben, neem dan gerust contact met ons op.

(1) Kunt u zich, door het Coronavirus, op overmacht beroepen? 

Bij velen speelt de (logische) vraag of er thans sprake is van een situatie waarbij een geslaagd beroep kan worden gedaan op overmacht waardoor u niet aansprakelijk bent indien u op dit moment uw verplichtingen niet na kunt komen. 

De wettelijke definitie van overmacht (artikel 6:75 BW) is als volgt:

"Een tekortkoming kan de schuldenaar niet worden toegerekend, indien zij niet is te wijten aan zijn schuld, noch krachtens wet, rechtshandeling of in het verkeer geldende opvattingen voor zijn rekening komt."

Voor het antwoord op de vraag over er sprake is van overmacht moet men niet alleen kijken naar de wet maar in eerste instantie naar wat partijen (contractueel) hebben afgesproken. In overeenkomsten en/of bijbehorende algemene voorwaarden is veelal een clausule (force majeure-clausule) opgenomen waarin partijen aangegeven wanneer er sprake is van een overmachtssituatie. Veelal worden in dergelijke bepalingen overheidsmaatregelen, stakingen en plotselinge belemmeringen in de infrastructuur of tekorten in transport als omstandigheden genoemd en zal u met succes een beroep op overmacht kunnen beroepen. Aangezien iedere overeenkomst echter anders is adviseren wij u goed de overeenkomsten en eventueel bijbehorende algemene voorwaarden hierop na te slaan. Ontbreken dergelijke afspraken doordat er bijvoorbeeld geen schriftelijke overeenkomst is gesloten dan valt u terug op het toepasselijke recht. Dat kan het Nederlands recht zijn maar dat kan ook, afhankelijk van uw contractspartij, het toepasselijk recht van een ander land zijn. Afhankelijke van de concrete omstandigheden van het geval zal naar Nederlands recht een beroep kunnen worden gedaan op de redelijkheid en billijkheid op grond waarvan u eventuele verplichtingen ook zonder aansprakelijk te zijn wellicht niet hoeft na te komen. Wel of geen force-majeur clausule, wij adviseren ten alle tijden om eventuele problemen vroegtijdig aan uw contractspartij te communiceren en te informeren. Heeft u onze hulp nodig dan staan we u graag bij.

(2) Werktijdverkorting

Wat is werktijdverkorting?

Werktijdverkorting is bedoeld voor ondernemingen die tijdelijk geen werk meer hebben voor (een deel van) hun werknemers, door omstandigheden die buiten het normale ondernemersrisico vallen. Het corona-virus valt daar ook onder. U kunt werktijdverkorting en een WW-uitkering voor uw personeel aanvragen als u aan de voorwaarden voldoet.


Ik wil een vergunning werktijdverkorting aanvragen, hoe werkt dat?

Een aanvraag voor een vergunning doet u via deze website bij het Ministerie van SZW. Een eventuele vergunning wordt voor maximaal zes weken afgegeven. Is er geen verbetering opgetreden binnen zes weken? Een verlenging is mogelijk tot maximaal 24 weken.  

U komt in aanmerking voor werktijdverkorting als u voldoet aan twee voorwaarden: 

  • Uw onderneming is getroffen door een bijzondere situatie die niet onder het normale ondernemersrisico valt (zoals het Corona-virus);
  • U verwacht dat er minstens 20% minder werk is in de onderneming in de komende minimaal 2 tot maximaal 24 weken door deze bijzondere situatie.

Wanneer voldoet u niet aan de voorwaarden? 

  • De weken voorafgaand aan uw aanvraag worden tellen niet mee; 
  • Het aantal werknemers in uw onderneming is (voordat het virus uitbrak) niet afgestemd op de (redelijk te verwachte) behoefte van uw bedrijf;  
  • De vermindering van de werkzaamheden hangt samen met een staking van uw werknemers. 

Ik heb een vergunning ontvangen, wat nu? 

Indien u voldoet aan de bovenstaande voorwaarden en u heeft een vergunning ontvangen (in een bijlage per e-mail), dan dient u deze vergunning direct, maar uiterlijk op de tweede dag van de werktijdverkorting, door te sturen aan het UWV.  Hiervoor gebruikt u het formulier Melding werktijdverkorting. Het formulier stuurt u per post naar het UWV. Het adres staat in het formulier vermeld. 

Een verlenging van uw vergunning hoeft u niet opnieuw aan UWV te melden.  U dient dan na afloop van de periode weer een “Aanvraag WW-uitkering bij werktijdverkorting” in te vullen. 

Let op: geen werktijdverkorting voor oproepkrachten, uitzendkrachten en ZZP’ers

Voor oproepkrachten met een nul-urencontract en uitzendkrachten kunt u geen werktijdverkorting aanvragen.

Als ZZP’er kunt u geen beroep doen op werktijdverkorting. Dat komt doordat de regeling alleen van toepassing is voor werknemers in loondienst. U heeft wel alternatieven. Als u acuut in de problemen komt, kunt u mogelijk bij uw gemeente een inkomensaanvulling of lening aanvragen op grond van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz). Houd daarbij wel rekening met een afhandeltermijn. U kunt in dit traject de hulp inroepen van Ondernemersklankbord. Via deze link vindt u meer informatie over de Bbz. 

Bestaat er een loondoorbetalingsverplichting tijdens de vergunningperiode? 

Hoewel het UWV en de Rijksoverheid anders berichten, bestaat er in beginsel geen loondoorbetalingsverplichting gedurende de periode van de werktijdverkorting.  Op 1 januari 2020 is namelijk de wetgeving aangepast. Uit de nieuwe ‘Regeling onwerkbaar weer (artikel 5) volgt dat u vrijgesteld bent om het loon door te betalen, indien het een vergunning werktijdverkorting is aangevraagd en is toegewezen bij buitengewone omstandigheden (anders dan buitengewone natuurlijke omstandigheden). Dat is hier het geval. Dat betekent dat u gedurende de periode dat de werktijdverkorting geldt, u niet verplicht bent om het loon door te betalen. 

De Vakbond FNV heeft vragen gesteld aan minister Koolmees over de loondoorbetalingsverplichting. Zolang er geen wettelijke (of contractuele) basis is voor het aanvullen tot 100% van het loon van uw werknemer, bent u daartoe niet verplicht.

Dat betekent voor werknemers dat zij enkel recht hebben op een WW-uitkering gedurende deze periode. Dat betekent dat werknemers die geen WW-rechten hebben opgebouwd, ook geen uitkering ontvangen voor dat deel waarvoor de werktijdverkorting is aangevraagd. De opgebouwde WW-rechten worden verminderd met de duur van de werktijdverkorting. Ook indien een werknemer meer verdiend dan de hoogte van de WW-uitkering worden niet gecompenseerd. Bekijk de hoogte van de WW-uitkering hier.

Kortom, het loon kan dus worden stopgezet voor de werknemers gedurende de werktijdverkorting. Dat kan grote gevolgen hebben voor uw werknemers. Informeer uw werknemers en de eventuele ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging derhalve op de juiste manier. Bekijk ook uw CAO voor aanvullende regelingen of informatieverplichtingen. 

(3) Wet arbeid en zorg

Calamiteitenverlof

De werknemer heeft recht op verlof met behoud van loon voor een korte, naar billijkheid te berekenen tijd, wanneer hij zijn arbeid niet kan verrichten wegens:

  • onvoorziene omstandigheden die een onmiddellijke onderbreking van de arbeid vergen;
  • zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden;

Onder zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden worden in ieder geval begrepen:

  • spoedeisend, onvoorzien of redelijkerwijze niet buiten werktijd om te plannen arts- of ziekenhuisbezoek door de werknemer of de noodzakelijke begeleiding daarbij van de personen.

Dagen of gedeelten van dagen waarop de werknemer zijn arbeid niet verricht wegens het verlof, , kunnen slechts indien in een voorkomend geval de werknemer ermee instemt worden aangemerkt als vakantie, met dien verstande dat de werknemer ten minste recht houdt op het wettelijk minimum aan vakantie-aanspraken.

Voor wat betreft de loonbetaling kan uitsluitend ten nadele van de werknemer worden afgeweken bij collectieve arbeidsovereenkomst of bij regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan dan wel, indien geen collectieve arbeidsovereenkomst of regeling van toepassing is of terzake geen bepaling bevat, indien de werkgever terzake schriftelijke overeenstemming heeft bereikt met de ondernemingsraad of, bij het ontbreken daarvan, met de personeelsvertegenwoordiging, met dien verstande dat de werknemer bij afwijking van artikel 4:6 ten minste recht houdt op het wettelijke minimum aan vakantie-aanspraken.

Werknemers die op hun kinderen moeten passen kunnen een beroep doen op de a-grond van het calamiteitenverlof. Calamiteitenverlof is echter altijd kortdurend en de kosten komen voor rekening van de werkgever. 

Kortdurend zorgverlof

De werknemer heeft recht op verlof voor de noodzakelijke verzorging in verband met ziekte van een persoon als bedoeld in het tweede lid.

5:2 Onder een persoon als bedoeld in het eerste lid, wordt verstaan:

  • de echtgenoot, de geregistreerde partner of de persoon met wie de werknemer ongehuwd samenwoont;
  • een kind tot wie de werknemer als ouder in een familierechtelijke betrekking staat;
  • een kind van de echtgenoot, de geregistreerde partner of de persoon met wie de werknemer ongehuwd samenwoont;
  • een pleegkind dat blijkens de basisregistratie personen op hetzelfde adres woont als de werknemer en dat hij als pleegouder als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet verzorgt;
  • een bloedverwant in de eerste of tweede graad;
  • degene die, zonder dat er sprake is van een arbeidsrelatie, deel uitmaakt van de huishouding van de werknemer; of
  • degene met wie de werknemer anderszins een sociale relatie heeft, voor zover de te verlenen verzorging rechtstreeks voortvloeit uit die relatie en redelijkerwijs door de werknemer moet worden verleend.


Duur verlof

Het verlof bedraagt in elke periode van 12 achtereenvolgende maanden ten hoogste tweemaal de arbeidsduur per week. De periode van 12 maanden gaat in op de eerste dag waarop het verlof wordt genoten.

Voor zover het loon niet meer bedraagt dan het bedrag, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen, met betrekking tot een loontijdvak van een dag, behoudt de werknemer, die anders dan op grond van een publiekrechtelijke aanstelling arbeid verricht, gedurende het verlof, bedoeld in artikel 5:1, recht op 70% van het loon, maar tenminste op het voor hem geldende wettelijke minimumloon.


Langdurend zorgverlof

De werknemer heeft recht op verlof zonder behoud van loon voor:

  • de verzorging van een persoon als bedoeld in artikel 5:1, tweede lid, die levensbedreigend ziek is; of
  • de noodzakelijke verzorging van een persoon als bedoeld in artikel 5:1, tweede lid, die ziek of hulpbehoevend is.

De werkgever willigt het verzoek om verlof van de werknemer in, tenzij hij tegen het opnemen van het verlof een zodanig zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang heeft, dat het belang van de werknemer daarvoor naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid moet wijken.

(4) Welke maatregelen neemt het kabinet om ondernemers die in problemen dreigen te komen, te helpen?

Wat houdt de BMKB-regeling in en waar bestaat de aangekondigde verruiming uit? 

Het ministerie van EZK staat via de BMKB borg voor de kredieten aan ondernemers, zodat zij makkelijker geld kunnen lenen. Ondernemers kunnen hiervoor terecht bij kredietverstrekkers, zoals banken. In de reguliere regeling betreft het borgstellingskrediet 50% van het krediet dat de financier (vaak een bank) verstrekt. De borg van de overheid bedraagt 90% van dit borgstellingskrediet. 

Met deze verruimingsmaatregel wordt de omvang van het borgstellingskrediet in de BMKB verhoogd van 50% naar 75%. Daardoor kunnen banken makkelijker en sneller krediet verruimen en hebben bedrijven de mogelijkheid om eerder en meer geld te lenen. Bovendien zal de regeling ten opzichte van de eerdere aankondiging (donderdag 12 maart 2020) nog verder worden verruimd en ook toepasbaar zijn op overbruggingskredieten en rekening-courant kredieten met een looptijd tot 2 jaar.


Waarvoor kan de BMKB benut worden?

De BMKB kan benut worden door bedrijven voor overbruggingskrediet of verhoging van hun rekening courant-krediet, oftewel het bedrag dat zij ‘rood mogen staan. De verruiming is essentieel voor de liquiditeit van kleinere ondernemers die inkomsten of productie mislopen door het Corona-virus. Denk aan horecaondernemers en hun toeleveranciers, een reisbureau, maar ook bedrijven die niet meer aan grondstoffen vanuit het buitenland kunnen komen. Informatie kan ingewonnen worden via het adviesteam van de Kamer van Koophandel, 0800 - 2117.


Waar en hoe kan ik met mijn bedrijf aanspraak maken op de BMKB-regeling? 

De BMKB-aanvraag loopt via de geaccrediteerde financier, in dit geval veelal de bank. De geaccrediteerde financiers staan vermeld op de website van RVO. Banken kunnen aanmeldingen voor de verruimde BMKB bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) doen, de uitvoeringsorganisatie van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Ondernemers melden zich bij hun kredietverstrekker. Informatie kan ingewonnen worden via het adviesteam van de Kamer van Koophandel, 0800 - 2117.

Geschreven door:
Dennis Oud
Bekijk profiel
Terug naar Blog Archief